"Het
is wel zielig," vond mijn opa. "Hij zit helemaal
alleen." "Ik laat hem vaak in het poppenhuis.
Dan kan hij ze toch een beetje zien," zei ik.
"Hij wil alleen maar paren met ze." "Maar
dat mag niet." "Nee, anders begint het
weer van voor af aan." We hadden het over Hiltsjie,
mijn beertje, die alleen in de papegaaienkooi zat. Zijn
zusjes zaten in de volièrekooi. Bovenop die kooi
stond mijn oude poppenhuis. Daar liet ik de cavia’s
in lopen. Het was een vrij groot poppenhuis die mijn
vader gemaakt had voor mijn vierde verjaardag. Maar
inmiddels was ik negen jaar en ik vond dat ik te oud
was voor poppenhuizen. Wie wilde er ook met een poppenhuis
spelen als je met je cavia’s spelen kon? En als ik Rosje
en Dora in de bovenste verdieping van het poppenhuis
los liet lopen, dan liet ik Hiltsjie op de begane grond
lopen. Er zat een trap in van de begane grond naar één
hoog en Hiltsjie kon precies zijn neus er door steken.
Natuurlijk rook hij de zeugjes en hij wilde niets liever
dan omhoog, ook naar de eerste verdieping! Castratie
zou de oplossing geweest zijn, maar Kruin was gestorven
tijdens de operatie die hem zou moeten castreren en
we durfden het niet aan met Hiltsjie. Maar hij zat inderdaad
alleen. "We nemen een parkiet!" zei
mijn opa. "Waarom?" vroeg ik verbaasd.
"Wat moeten we met een parkiet?" "Voor
Hiltsjie! Dat is gezellig." Een parkiet bij
een cavia? Ik vond het maar raar. We hadden vroeger
parkieten gehad die in de kooi hadden gezeten waar nu
Rosje en Dora in zaten, en parkieten had ik altijd erg
leuk gevonden, maar om een parkiet bij een cavia te
zetten… Ik wist het nog zo net niet! Maar mijn opa
kocht een parkiet. Tenminste, hij betaalde, ik zocht
de parkiet uit. Het was een mannetje, een witte. Ik
wilde hem een of andere onbenullige naam geven zoals
Lotje of Liefje of zo, maar mijn opa zei dat het een
stoere parkiet was die een stoere naam moest hebben.
En dus werd het Binkie. Binkie kreeg een kooitje
en werd naast Hiltsjie gezet. "Zo kunnen ze
aan elkaar wennen," zei mijn opa. "En als
ze dan gewend zijn en naar elkaar toe willen, kan Binkie
erbij." Mijn opa had weer eens gelijk, want
het verliep precies zo. Binkie zat driftig te kwetteren
naar Hiltsjie en Hiltsjie piepte belangstellend terug.
Na een paar dagen werd Binkie in de papegaaienkooi
van Hiltsjie gezet. Maf, hoor: een parkiet en een cavia
die in een papegaaienkooi zitten! Maar noch Binkie,
noch Hiltsjie trokken zich daar ook maar iets van aan.
Ze waren direct de dikste vriendjes.
Hiltsjie en Binkie
knus naast elkaar. Ze aten samen, dronken
samen, sliepen samen; kortom, ze deden alles
samen! |

|
Er was nu natuurlijk zowel parkietenvoer
als caviavoer in de kooi en Hiltsjie at rustig parkietenvoer
en Binkie at hardvoer. En ze aten samen van de groente
en het fruit. Binkie maakte voorzichtig de randjes rondom
Hiltsjie's ogen schoon en peuterde ook dingetjes uit
Hiltsjie's oren en Hiltsjie vond zo’n persoonlijke schoonmaakbeurt
best. In het begin trapte Hiltsjie soms per ongeluk
op Binkie en Binkie liet dan een verontwaardigd gefluit
horen – en verloor er soms een veertje door. Binkie
zat vaak op Hiltsjie's rug en zo maakten ze dan rondjes
door de kooi. Als ze moe waren, gingen ze gezellig samen
in het hokje zitten. Daar sliepen ze ook, dicht tegen
elkaar aan. Het was een geslaagde combinatie
– en heel schattig om te zien! En zo zijn ze jaren samen
geweest, tot volle tevredenheid. Als ik Hiltsjie nog
wel eens in het poppenhuis zette, vond hij de zeugjes
wel aardig, maar hij was toch liever bij Binkie. Want
Binkie, dat was zijn beste vriend! Daar kon geen zeugje
tegenop!

|
Hiltsjie, Binkie
en Tieka in de volièrekooi. Tieka
is nooit echt vriendjes geworden met Hiltsjie,
maar Binkie heeft Hiltsjie altijd als zijn
grote vriend beschouwd. Op een stokje zitten
was leuk, maar slapen deed hij toch naast
Hiltsjie! |
|